LITURGIE

CGK/NGK Bussum-Huizen, 9 augustus 2026, 9.30 uur

Bakboord 72

welkom en mededelingen

 

zingen                                              Psalm 67 : 1 en 2 NB

God zij ons gunstig en genadig.
Hij schenke ons ’t gezegend licht
dat overvloedig en gestadig
straalt van zijn heilig aangezicht;
opdat hier op aarde,
elk uw weg aanvaarde
en tot U zich wend’,
zo, dat allerwegen,
ieder volk de zegen
van uw heil erkent.

 

De volken zullen U belijden,
o God, U loven al te zaam!
De landen zullen zich verblijden
en juichen over uwen naam.
Volken zult Gij rechten,
hun geding beslechten
in gerechtigheid,
volken op deez’ aarde,
die uw arm vergaarde,
die Gij veilig leidt.

 

stil gebed, votum en groet

 

zingen                                      Gezang 452 : 1 en 2 LB73

Verlosser, Vriend, o hoop, o lust
van die U kennen, neem het lied,
dat U in ’t stof een stervling biedt,
een zondaar, die uw voeten kust.
Een zondaar, een verlost’, o Heer,
en nu geen zondaar meer.
O, neem het aan!
Gij laat geen bidder staan,
Gij hoort in hemelingen
verloste zondaars zingen.
O, neem het aan!

 

Bedreigt mij leed, ontmoet mij smart,
ik vrees geen kwaad, maar klaag het Hem.
Hoe groot in eer, Hij hoort mijn stem,
hoe ver van de aard, Hij kent mijn hart.
Gods zoon vergeet de broeder niet
die Hij op aarde liet.
Hij is mijn hoop.
Hij wies mij met zijn doop,
Hij geeft mij brood en beker,
’k ben van zijn liefde zeker.
Hij is mijn hoop!

 

Gods aanwijzing voor ons leven

 

zingen                                              Psalm 42 : 1 en 2 NB

Evenals een moede hinde
naar het klare water smacht,
schreeuwt mijn ziel om God te vinden,
die ik ademloos verwacht.
Ja, ik zoek zijn aangezicht,
God van leven, God van licht.
Wanneer zal ik Hem weer loven,
juichend staan in zijn voorhoven?

Hart onrustig, vol van zorgen,
vleugellam geslagen ziel,
hoop op God en wees geborgen.
Hij verheft wie nederviel.
Eens verschijn ik voor de Heer,
vindt mijn ziel het danklied weer.
Hij mijn God, Hij heeft mijn leven
dikwijls aan de dood ontheven.

 

gebed

 

schriftlezing                                       Mattheüs 15,21-28

 

zingen                                            Psalm 34 : 2 en 7a NB

’k Heb naar de Heer gevraagd
en Hij beantwoordt mijn gebed.
Hij heeft mij van mijn angst gered,
en mijn verlossing daagt.
Die opzien naar de Heer,
zij zullen blinken in het licht,
geen schaamrood is op hun gezicht,
nooit slaan zij d’ ogen neer.

 

 Wie God roept hoort Hij aan
en Hij verlost wie is benard.
Hij zal gebrokenen van hart
in gunst terzijde staan.

 

verkondiging

 

zingen                                                    Gezang 647 LB13

Voor mensen die naamloos,
kwetsbaar en weerloos
door het leven gaan,
ontwaakt hier nieuw leven,
wordt kracht gegeven:
wij krijgen een naam.

 

Voor mensen die roepend,
tastend en zoekend
door het leven gaan,
verschijnt hier een teken,
brood om te breken:
wij kunnen bestaan.

 

Voor mensen die vragend,
wachtend en wakend
door het leven gaan,
weerklinken hier woorden,
God wil ons horen:
wij worden verstaan.

 

Voor mensen die hopend,
wankel gelovend
door het leven gaan,
herstelt God uit duister
Adam in luister:
wij dragen zijn naam.

 

gebeden

 

collecten

 

zingen                                            Psalm 31 : 5 en 15 OB

’k Zal in uw goedheid mij verblijden.

Gij hebt mij aangezien

en hulpe willen biên

in mijn verdrukking en mijn lijden,

toen in mijn zielsellende

uw aangezicht mij kende.

 

 

Hoe groot is ’t goed, dat Gij zult geven

hem, wiens oprechte geest

op U betrouwt, U vreest.

Hoe groot is ’t heil, dat G’ in dit leven,

ver boven beed’ en wensen,

reeds wrocht voor ’t oog der mensen!

 

zegen

 

 

 

LITURGIE

CGK/NGK Bussum-Huizen, 9 augustus 2026, 17.00 uur

Bakboord 72

welkom en mededelingen

zingen                                      Gezang 323 : 1 en 2 LB73

God is tegenwoordig, God is in ons midden,
laat ons diep in ’t stof aanbidden.
God is in ons midden, laat nu alles zwijgen
alles in ons voor Hem neigen.
Wie de stem heft tot Hem
sla de ogen neder,
geve ’t hart Hem weder.

God is tegenwoordig, die in ’t licht daarboven
dag en nacht de engelen loven.
Heilig, heilig, heilig, zingen Hem ter ere
al de hoge hemelsferen.
Laat o Heer, U ter eer,
ons lied ook U prijzen,
lof en dank bewijzen.

stil gebed, votum en groet

zingen                                  Gezang 323 : 4, 7 en 8 LB73

Koning in de hemel, kon ik U maar prijzen,
U volkomen eer bewijzen.
Kon ik als een engel eeuwig opgetogen
naar U zien met eigen ogen.
Laat mij nu reeds aan U
alles mogen geven,
lieve God, mijn leven.

Maak mij recht eenvoudig, stil in den gebede,
afgezonderd in uw vrede.
Maak mij rein van harte, dat ik uwe klaarheid
schouwen mag in geest en waarheid.
Heer laat mij even vrij
als een aad’laar stijgen,
zo word ik U eigen.

Heer kom in mij wonen, zij mijn hart en leven,
U ten eigendom gegeven.
Gij die zo nabij zijt, wend mij toe uw wezen,
dat G’ in mij uw beeld moogt lezen.
Waar ik ga, zit of sta,
laat mij U aanschouwen,
met een stil vertrouwen.

gebed

schriftlezing                         Romeinen 3,21-26; 8,31-39

lezing                          Heidelbergse Catechismus 16.40

zingen                                                    Psalm 130 : 2 OB

Zo Gij in ’t recht wilt treden,

o Heer, en gadeslaan

onz’ ongerechtigheden,

ach, wie zou dan bestaan?

Maar neen, daar is vergeving

altijd bij U geweest;

dies wordt Gij, Heer, met beving

recht kinderlijk gevreesd.

zingen                                                      Psalm 85 : 4 OB

Dan wordt genâ van waarheid blij ontmoet,

de vrede met een kus van ’t recht gegroet.

Dan spruit de trouw uit d’ aarde blij omhoog,

gerechtigheid ziet neer van ’s hemels boog.

Dan zal de Heer ons ’t goede weer doen zien,

dan zal ons ’t land zijn volle garven biên.

Gerechtigheid gaat voor zijn aangezicht,

Hij zet z’ alom, waar Hij zijn treden richt.

verkondiging (Heidelbergse Catechismus 16.40)

zingen                          Gezang 177 : 1, 2, 3, 6 en 7 LB73

Leer mij, o Heer, uw lijden recht betrachten,
in deze zee verzinken mijn gedachten:
o liefde die, om zondaars te bevrijden,
zo zwaar moest lijden.

’k Zie U, God zelf, in eeuwigheid geprezen,
tot in de dood als mens gehoorzaam wezen,
in onze plaats gemarteld en geslagen,
de zonde dragen.

O allerheiligst, onuitspreeklijk wonder:
de Rechter zelf gaat aan het recht ten onder.
O wreed geding; wie kan geheel doorgronden
de vloek der zonden.

Daar Ge U voor mij hebt in de dood gegeven,
hoe zou ik naar mijn eigen wil nog leven?
Zou ik aan U voor zulk een bitter lijden
mijn hart niet wijden?

Laat mij, o Heer, uw wondre wijsheid prijzen,
dwaasheid en ergernis voor wereldwijzen,
laat mij uw kruis dat sterken zwakheid noemen
als sterkte roemen.

dankgebed

collecten

geloofsbelijdenis

zingen                                                       Psalm 17 : 7 NB

O blij vooruitzicht dat mij streelt,
ik zal, ontwaakt, uw lof ontvouwen,
U in gerechtigheid aanschouwen,
verzadigd met uw godd’lijk beeld.

zegen

 

zingen                                               Gezang 456 : 3 LB73

Amen, amen, amen!
Dat wij niet beschamen
Jezus Christus onze Heer,
amen, God, uw naam ter eer!